Veiligheidssituatie

Nederlands

Op 26 juli 2023 pleegt de presidentiële garde een staatsgreep in Niger. Sindsdien heeft de junta de Franse, Duitse en Amerikaanse militairen het land uit gestuurd. De nieuwe militaire leiders/bewindvoerders wenden zich tot Rusland en Turkije voor militaire samenwerking en hulp. Op regionaal vlak trekt Niger zicht terug uit de bestaande multilaterale veiligheidsinitiatieven maar versterkt het tegelijkertijd de samenwerking met militaire junta's in buurlanden Burkina Faso en Mali door de oprichting van de Alliance des Etats du Sahel (AES).

Niger kampt anno 2025 met een reeks veiligheidsuitdagingen: in de regio Tillabéri zijn er opstanden door Islamic State Sahel Province (ISSP) langs de grens met Mali, en door het aan Al Qaeda gelieerde Jama'at Nusratul Islam wal Muslimin (JNIM) langs de grens met Burkina Faso. JNIM en ISSP voeren hun activiteiten in de grensregio's op. Dit is vooral voelbaar in de regio Dosso en in het zuiden van de regio Tahoua, die ook kampt met banditisme. De zuidoostelijke regio Diffa wordt getroffen door de activiteiten van twee rivaliserende Boko Haram-facties, Jamatu Ahli is-Sunnah lid-Dawatai wal-Jihad (JAS) en Islamic State West Africa Province (ISWAP). In Maradi, langs de zuidgrens met Nigeria, zijn georganiseerde bendes actief.

Tijdens de onderzoeksperiode van dit rapport, van 1 september 2024 tot 30 mei 2025, tekent het Armed Conflict Location & Event Data Project (ACLED) 269 incidenten op in Niger met 977 dodelijke slachtoffers. Vergeleken met dezelfde periode een jaar eerder (333 incidenten met 1.246 doden) is een daling van het aantal incidenten en het aantal dodelijke slachtoffers zichtbaar.

Bijna de helft van het door ACLED geregistreerde geweld betreft battles/armed clashes (45 %), doelend op gevechten tussen twee (of meer) gewapende actoren. ACLED schrijft deze stijging toe aan gevechten om grondgebied waarbij jihadistische groeperingen hun macht trachten uit te breiden.

Meer dan een derde (37,5 %) van het totale aantal geregistreerde geweldsincidenten heeft burgers als doelwit (civilian targeting), met 262 burgerdoden tot gevolg. De voornaamste verantwoordelijke voor dit geweld is ISSP. Het leger en de veiligheidsdiensten, verwikkeld in gevechten met gewapende groepen, slagen er niet in burgers te beschermen. Zelfverdedigingsmilities, doorgaans georganiseerd langs etnische lijnen, wakkeren de rekrutering van jihadisten. Groepen als JNIM maken daarbij misbruik van grieven die hun oorsprong vinden in etnische discriminatie en staatsgeweld.

De regio’s die het meest getroffen zijn door geweld zijn Tillabéri (Téra, Torodi, Gotheye, Tillabéri, Abala, Ayuerou en Say), Dosso (Gaya en Dioundiou) en Diffa (Diffa, N'Guigmi en Bosso). De islamistische opstand in Niger is in essentie een rurale opstand, met groepen als JNIM en ISSP die controle in landelijke gebieden uitoefenen, terwijl de staat de controle over de steden behoudt. Bronnen wijzen wel op een nieuwe dynamiek in Tillabéri waarbij ook steden met geweld kampen. In oktober 2024 voert JNIM voor de eerste maal een aanval uit binnen de administratieve grenzen van de hoofdstad Niamey.

In oktober 2024 telt Niger volgens de United Nations High Commissioner for Refugees (UNHCR) 507.438 ontheemden (internally displaced persons, IDP’s), een stijging van 25 % ten opzichte van het voorgaande jaar. De regio Tillabéri herbergt het grootste aantal IDP’s (223.950).

De autoriteiten behouden de controle over de steden maar zijn daarbuiten amper aanwezig. Op het platteland hebben de jihadisten hun aanwezigheid verankerd via ideologische druk en economische afpersing. Het onderwijs lijdt onder het geweld met 779 gesloten scholen. Daarnaast is het geweld de belangrijkste oorzaak van voedselonzekerheid doordat mensen hun levensonderhoud verliezen na ontheemding en doordat beperkingen op de bewegingsvrijheid de toegang tot voedsel beperken. Het geweld hindert ook de levering van humanitaire hulp, al werpen ook de door de overheid genomen veiligheidsmaatregelen drempels op. Volgens een schatting van de Verenigde Naties (VN) hebben 4,3 miljoen van de ongeveer 26 miljoen Nigerezen humanitaire hulp nodig in 2024.

Beleid

Het beleid dat de commissaris-generaal voert, is gestoeld op een grondige analyse van nauwkeurige en actuele informatie over de algemene situatie in het land van oorsprong. Die informatie wordt op professionele manier verzameld uit verschillende objectieve bronnen, waaronder het EUAA, het UNHCR, relevante internationale mensenrechtenorganisaties, niet-gouvernementele organisaties, vakliteratuur en berichtgeving in de media. Bij het bepalen van zijn beleid baseert de commissaris-generaal zich derhalve niet alleen op de op deze website gepubliceerde COI Focussen opgesteld door Cedoca, dewelke slechts één aspect van de algemene situatie in het land van herkomst behandelen.

Uit het gegeven dat een COI Focus gedateerd zou zijn, kan bijgevolg niet worden afgeleid dat het beleid dat de commissaris-generaal voert niet langer actueel zou zijn.

Bij het beoordelen van een asielaanvraag houdt de commissaris-generaal niet alleen rekening met de feitelijke situatie zoals zij zich voordoet in het land van oorsprong op het ogenblik van zijn beslissing, maar ook met de individuele situatie en persoonlijke omstandigheden van de asielzoeker. Elke asielaanvraag wordt individueel onderzocht. Een asielzoeker moet op een voldoende concrete manier aantonen dat hij een gegronde vrees voor vervolging of een persoonlijk risico op ernstige schade loopt. Hij kan dus niet louter verwijzen naar de algemene omstandigheden in zijn land, maar moet ook concrete, geloofwaardige en op zijn persoon betrokken feiten aanbrengen.

Voor dit land is geen beleidsnota beschikbaar op de CGVS website.

Land: 
Niger